Het weer heeft meer invloed op je snoeigereedschap dan je misschien denkt. Regen, vorst, zon en temperatuurwisselingen kunnen allemaal leiden tot slijtage, roestvorming of verminderde werking van je gereedschap. Wie zijn snoeigereedschap lang wil gebruiken, doet er goed aan rekening te houden met weersomstandigheden.
Na een regenbui blijft vocht vaak achter op snoeischaren, zagen en tangen. Als je je gereedschap dan niet goed droogt, kan dit binnen enkele dagen tot roestvorming leiden. Vooral de snijvlakken zijn gevoelig, en een roestige snede betekent bot gereedschap – en dus slecht snoeiwerk.
Vrieskou is een andere boosdoener. Metalen onderdelen kunnen krimpen of broos worden, en rubberen of kunststofgrepen kunnen barsten. Laat snoeigereedschap daarom nooit buiten liggen in de winter, ook niet onder een afdak. Bewaar het in een vorstvrije schuur of kelder.
Extreme hitte is minder schadelijk voor het metaal zelf, maar langdurige blootstelling aan zonlicht kan kunststof onderdelen doen verkleuren, uitdrogen of vervormen. Een plastic handvat dat broos wordt, kan zelfs afbreken tijdens gebruik.
Condensvorming is ook iets om in de gaten te houden, zeker in onverwarmde schuren. Een goede oplossing is het gebruik van vochtvreters of silicagel in gereedschapskisten, of om je gereedschap in een geventileerde, droge ruimte te hangen.
Tot slot: wees niet te zuinig met onderhoud. Reinig, droog en olie je gereedschap na elk gebruik. Zelfs als het droog weer is, kunnen plantensappen of vuil het metaal aantasten.
